Pensioen
Geld dat je opzij zet voor wanneer je niet meer werkt.
Pensioen is je financiële plan voor wanneer je stopt met werken. In Nederland is het opgebouwd in 'drie pijlers':
- AOW (eerste pijler): staatspensioen, voor iedereen vanaf AOW-leeftijd. Bouwt automatisch op via belasting. Ongeveer €1.300/maand (alleenstaand, in 2024).
- Pensioenfonds (tweede pijler): werkgever-pensioen. Werknemers + werkgever leggen samen in. Krijg je bij pensionering.
- Eigen vermogen (derde pijler): lijfrente, banksparen, of beleggingen. Volledig op jezelf.
Waarom beleggen voor pensioen?
De eerste twee pijlers zijn vaak niet genoeg om je levensstandaard te behouden. Veel mensen krijgen ~70% van hun laatste salaris. Wil je meer? Dan moet je zelf bouwen.
Waarom beleggen ipv sparen?
Voor pensioen heb je per definitie een lange tijdshorizon (10-40 jaar). In die tijd verslaat beleggen sparen drastisch:
- Spaargeld 30 jaar lang met 2% rente: €100 wordt €181
- Beleggen 30 jaar met 7% rendement: €100 wordt €761
Verschil: factor 4.
Fiscaal voordeel via lijfrente:
In Nederland mag je een deel van je inkomen aftrekbaar in lijfrente stoppen (jaarruimte). Belastingvoordeel direct in Box 1. Later (vanaf pensioenleeftijd) keer je het uit en betaal je dan belasting tegen lager tarief.
Veel jongeren denken 'pensioen is nog ver weg'. Wiskundig: hoe vroeger je begint, hoe meer compounding voor je werkt. Een 25-jarige die €100/maand inlegt heeft op zijn 65e meer pensioen dan een 35-jarige die €200/maand inlegt — voor de helft van het bedrag.